Stichting Eerherstel Joodse begraafplaats Zeeburg

grafstenen

De begraafplaats nu

De Tweede Wereldoorlog maakte een eind aan het onderhoud van de oude joodse begraafplaats Zeeburg. Decennia later was het terrein nauwelijks nog als begraafplaats herkenbaar. Inmiddels geeft het gerestaureerde deel aan de zuidzijde bij de Valentijnkade weer enigszins een beeld van de oorspronkelijke situatie daar. Samen met enkele nieuwe paden wordt dit gedeelte van de begraafplaats regelmatig onderhouden. Op de rest van terrein heeft de natuur vrij spel.

Drie percelen

kaartjes ontwikkeling
De begraafplaats ingetekend op een luchtfoto uit 1945 met (in lichtgroen) de delen die tien jaar later geruimd zouden worden.

Zeeburg, met een omvang van acht hectare, is verdeeld in drie percelen, gescheiden door paden die het Flevopark verbinden met de Indische Buurt. Het grootste perceel is op open dagen toegankelijk via het in 2012 nieuw aangebrachte hek aan de Valentijnkade. Van de oorspronkelijke tienduizenden grafstenen zijn nog slechts enkele tussen de dichte begroeiing waarneembaar. De meeste zerken stonden op het meest recente deel van de begraafplaats, maar dat is nu grotendeels bebost. De stenen daar zijn verzakt of door het geboomte omgeduwd en gebroken, en ze gaan vrijwel allemaal schuil onder een humuslaag.

Drie stukken, samen zo’n vijf hectare, zijn in de jaren 1956-1957 aan de begraafplaats onttrokken voor de aanleg van de toevoerweg naar de Schellingwouderbrug. De daar begravenen zijn op de joodse begraafplaats in Diemen op een apart veld met een gedenkteken herbegraven. Grafstenen, voor zover die er waren, zijn meeverhuisd en in Diemen herplaatst.

De begraafplaats wordt grotendeels omringd door sloten. Aan de Valentijnkade wordt hij sinds 1925 begrensd door een muur.

Onderhoud

De gemeente Amsterdam zorgt voor het maaien van het gerestaureerde terrein plus enkele paden die zicht bieden op de rest van het grote zuidelijke perceel van de begraafplaats. Als tegenprestatie verzorgt Eerherstel elke zomer een reeks open dagen, waarop dit perceel voor het publiek toegankelijk is.

Ecologische waarde

Vanwege de verwildering is het overgrote gebied van de begraafplaats vrijwel ontoegankelijk. Riet reikt in de zomer tot wel twee meter hoog. De sloten rond de begraafplaats zijn ecologisch waardevol. De voormalig Amsterdamse stadsecoloog Martin Melchers noemde de begraafplaats ‘de ecologische kurk waar het Flevopark op drijft’. Door de ontoegankelijkheid, grote mate van rust en het drassige milieu zijn bijzondere vogels als rietgors en karekiet gesignaleerd. Het gebied is ook interessant voor reptielen en amfibieën.